@GWFHegel over #MeToo


Inleiding: ‘The Silence Breakers’ verkozen tot TIME Person of the Year[1]

‘The Silence Breakers’ worden ze genoemd, door TIME Magazine. In de editie van 18 december 2017 riep het Amerikaanse weekblad de personen die zich publiekelijk uitspraken over hun ervaring met seksuele intimidatie, aanranding en verkrachting, uit tot ‘TIME Person of the Year’. Deze titel wordt sinds 1928 jaarlijks toegekend aan ‘de persoon of personen die het meest ons nieuws en onze levens hebben beïnvloed, positief of negatief, en belichamen wat belangrijk was aan het jaar, ten goede of ten kwade.’[2][3]

Er werd door veel analisten verwacht dat het gezelschap TIME-redacteuren[4] zou kiezen voor “#MeToo”, de term die veelal gebruikt wordt als aanduiding van een cultureel fenomeen dat seksuele intimidatie en geweld als onderwerp heeft.[5] TIME koos eerder voor niet-individuele personen (bijvoorbeeld het archetype “the Protestor” in 2011), en zelfs een apparaat (de pc in 1982). “Deze niet-conventionele keuzes zijn bedoeld om een beweging te vangen die groter is dan eender welk individu.”, verklaart TIME.[6]

De keuze bleek iets minder breed. Op 17 december 2017 maakte TIME bekend dat ze ‘The Silence Breakers’ hebben benoemd, de (meestal bekende) personen die in het openbaar verklaarden seksueel te zijn misbruikt of geïntimideerd. TIME-hoofdredacteur Edward Felsenthal verantwoordt deze keuze als volgt: “het begon, zoals grote sociale verandering bijna altijd, met individuele, moedige daden” die leidden tot “een culturele verschuiving met één van de hoogste snelheden sinds de jaren ’60.”[7]

Deze beschrijving roept de vergelijking op met de notie ‘Wereldhistorisch Persoon’ van de Duitse filosoof Georg Wilhelm Friedrich Hegel (1770-1831). Volgens Hegel zijn het de acties van deze Wereldhistorische Personen die de stuwende kracht zijn in de geschiedenis van de wereld. Ze zijn het eerste middel dat het Idee van Vrijheid gebruikt voor zijn realisatie.[8] De avant-garde van de Geist, het zelfbewustwordingsproces waar wij allemaal deel van uitmaken.

In deze paper wil ik bespreken wat de consequenties zouden kunnen zijn van ‘the Silence Breakers’ te beschouwen als een Hegeliaans Wereldhistorisch Persoon.

Als we een Wereldhistorisch Persoon begrijpen, kunnen we vat krijgen op de tijdgeest, aldus Hegel[9], en zo zou zijn werk ons wellicht een nieuw perspectief kunnen bieden op de betekenis en het belang van “#MeToo”.
Die nieuwe kijk, door de bril van Hegel, bestaat er volgens mij in om te voorkomen abstracties te hanteren in de poging te begrijpen wat er gaande is. “#MeToo” is een goede casus om te pogen Hegels claim over filosofie aan te tonen: dat we de waarheid dichter naderen door ons een zo compleet mogelijk beeld ervan te vormen.[10]

 

  1. Hegels perspectief

‘Das Wahre ist das Ganze’[11] (‘het Ware is het Gehele’)[12], Hegels beroemde postulaat in ‘de Fenomenologie van de Geest’. Hij vervolgt met uit te leggen wat het Gehele dan is, namelijk: ‘enkel het zich door zijn ontwikkeling voltooiende Zijn.’[13] Het Gehele is dus een progressief proces. Maar dat wil niet zeggen dat het ongrijpbaar is. Er is iets onderliggends, iets metafysisch. Er is een Zijn. Dat is het rationele principe, Hegels Geist.
De volgende Hegel-klassieker: ‘Wat rationeel is, is werkelijk. Wat werkelijk is, is rationeel’, voegt daar de kenbaarheid van die rationele ontwikkeling en daarmee van dat Zijn aan toe: De werkelijkheid is rationeel en dus kenbaar. De wereld is te begrijpen. Dat is Hegels postulaat, als een Kantiaanse mogelijkheidsvoorwaarde voor het denken.

Als de zaken deel zouden zijn van groter geheel, en bij culturele fenomenen lijkt mij dat een gegronde aanname, kan Hegel daarom mogelijk helpen om de dingen niet te zien als toevallig, maar inderdaad als deel van een groter geheel.

“De geschiedenis van de wereld is niets anders dan de progressie van het zelfbewustzijn van Vrijheid.”[14], schrijft Hegel in zijn ‘Filosofie van de Geschiedenis’[15]. Hegel stelt in dit werk een nieuwe vorm van geschiedschrijving voor, namelijk de filosofische. Maar wat wil dat zeggen, filosofisch naar de geschiedenis kijken?
Filosofie zoekt de waarheid, vindt Hegel, en ‘Das Wahre ist das Ganze’, dus moet de geschiedschrijving van Hegel een perspectief van zo ver mogelijk innemen. Het beeld moet zo alomvattend mogelijk zijn. Hegel bespreekt op die manier een groot deel van de wereldgeschiedenis[16] en probeert alles te rechtvaardigen.
De Geist, het Idee, de Vrijheid, God – al deze begrippen verwijzen voor Hegel naar een leidend, metafysisch principe. Een principe dat zich realiseert in de wereld. De veronderstelling is: geschiedenis heeft orde. Het kennen van dat ordenende principe kan voor Hegel dan ook enkel in het reële, in die wereld. In mensen en in hun passie.[17]
En van het grootste belang zijn hier de mensen bij wie de Individuele, subjectieve Wil samenvalt met de Universele Wil[18], met de volgende stap in de ontwikkeling van het zelfbewustzijn van de Vrijheid.[19] Dit zijn de Wereldhistorische Personen, en zoals in de inleiding beargumenteerd, geven de selectiecriteria van TIME Magazine aanleiding om hun ‘Person of the Year’ te beschouwen als een Wereldhistorisch Persoon.

De ‘beweging #MeToo’ zou daarom een vermoedelijk minder Hegeliaanse keuze zijn geweest, omdat het een abstractere eenheid is. Terwijl voor Hegel juist de passionele mens, het individu, de beweging in gang zet.[20] Dat zijn ‘The Silence Breakers’.

 

  1. Hegel als de anti-abstracte filosoof

“Er is niets dat de schone wereld zo ontoelaatbaar vindt als verklaringen.” [21] Hegel wil de wereld niet instrueren tegen haar eigen wil. Dat is zinloos; het zelfbewustzijn is een voortschrijdend inzicht, dat geen stap over kan slaan. Juist daarom keert Hegel zich tegen het abstracte.[22]
Als je vanuit een concept denkt, komt er een kloof tussen ideaal en werkelijkheid, dat is voor Hegel ongewenst. In zijn artikel ‘Wer denkt abstrakt?’[23] spreekt Hegel zijn filosofische doel uit: “De schone wereld zich te laten verzoenen met zichzelf.”[24][25]

Volgens Hegel kijken velen op tegen ‘abstract denken’, als iets verhevens. Maar Hegels antwoord op de vraag van het artikel ‘Wie denkt abstract?’ is: ‘De ongeschoolde, niet de geschoolde. (…) het is te makkelijk”.[26] Hij geeft een voorbeeld:

“Dit is abstract denken: niets anders te zien in de moordenaar dan het abstracte feit dat hij een moordenaar is, en alle andere menselijke essentie in hem teniet te doen met deze enkele kwaliteit.”[27]

Het is een heldere opvatting van discriminatie – etymologisch: ‘het maken van onderscheid’: één predikaat beschouwen als het essentiële. Het maakt van mensen in de eerste plaats vluchteling, vrouw, huidskleur – in plaats van ingewikkelde, multi-interpretabele wezens. Die niet in één begrip te vatten zijn.

Het is de fout van de “gewone man” om abstract te denken, “hij houdt vast aan dit ene predikaat”.[28] ‘Abstractie’ is afgeleid van het Latijnse ‘abstrahare’, ofwel ‘wegnemen’. Abstraheren laat elementen weg, het maakt de zaken eenvoudiger dan ze zijn. Maar Hegel wil begrijpen en dat betekent niet buitensluiten, maar een zo inclusief mogelijk wereldbeeld, omdat daar de waarheid schuilt, in het Gehele.[29]

 

  1. Hoe Hegel #MeToo mogelijk zou aanschouwen

Het is het verschil tussen oordelen en begrijpen. Als we een dader van seksueel geweld aan de schandpaal nagelen, kunnen we ons afvragen of we niet een te grote abstractie maken.

Om dat in te kunnen schatten, zouden we eerst een doel van “#MeToo” moeten verwoorden. Als we ook hier naar Hegel kijken, zouden we moeten zeggen: ons zelfbewustzijn vergroten. Misschien doen we dat wel het best door onze passies te volgen en gaat het hier niet over een kennis die zuiver rationeel is. Zij is wel redelijk, maar voor ons niet geheel kenbaar. Wij kunnen onze eigen tijd niet helemaal vatten, omdat we er deel van uitmaken, maar de gevoeligheid voor de ontwikkeling kunnen we wel vergroten, lijkt Hegel te suggereren[30]. Daarvoor moeten we zoveel mogelijk betrekken in de analyse.

“Das Wahre ist das Ganze”[31], abstraheren helpt niet. Eenzijdigheid slaat de plank juist mis. Het gaat hier over een cultureel fenomeen, dat probeert TIME ons toch duidelijk te maken, zondebokken aanwijzen doet net alsof daarmee het probleem is geïsoleerd. Maar we moeten ook proberen te begrijpen wat de daders drijft. En zelfs durven spreken over hoe kwetsbare personen weerbaarder kunnen worden.

Op grotere schaal ben je niet veel met de categorieën dader en slachtoffer, goud en fout. Juist omdát het een fenomeen is met een aanzienlijke omvang kunnen we ons niet verliezen in één zaak, maar moeten we proberen het geheel te begrijpen.

Ook in onze taal en in het discours zouden we dat onderscheid moeten blijven maken. Individuele gevallen moeten individueel, juridisch worden ingeschat. Culturele problemen moeten op grotere schaal worden besproken. Het gaat mis als een individueel geval wordt opgeblazen. Het kan een symbolische functie hebben, maar als we mensen willen sensibiliseren – wat betreft hun eigen gedrag en dat van anderen – moeten we genuanceerder te werk gaan. Het oordeel uitstellen. Niet denken dat we het over “#MeToo” hebben als we één acteur aan de hoogste boom opknopen. Het punt is juist dat het een maatschappelijk probleem is, dat het niet te geïsoleerd kan worden. Het moet worden aangepakt via opvoeding, onderwijs, dialoog.

Dat vraagt om mensen die durven zeggen: “Ook ik. Ook ik ben schuldig aan de cultuur die ten grondslag ligt aan al die gevallen.” Van het anekdotische #MeToo (en #IHave[32]), van daders en slachtoffers, naar een #OokIkBenDeelVanDeCultuurDie“#MeToo”MogelijkMaakte”.

 

Conclusie

Een vergelijking tussen TIME’s ‘Person of the Year’ – ‘The Silence Breakers’ – en Hegels ‘Wereldhistorische Personen’ zou, als je Hegels visie aanneemt, het belang benadrukken van het perspectief. Hegel wendt zich af van het abstracte, en kijkt naar wat er is. Concreet en reëel. Zo kan je begrijpen wat erachter ligt.

Toegepast op “#MeToo” lees ik dat als een pleidooi voor een zo ruim mogelijke  visie op het culturele fenomeen. Goed kijken naar wat er gebeurt, de tijdgeest proberen te lezen, zoals Hegel dat wilde doen.

Een analyse van het taalgebruik in “#MeToo” zou een interessante inkijk kunnen bieden in de structuren van dit fenomeen, maar daarvoor ontbreekt hier de ruimte.

Het grote voorbehoud dat al gemaakt was, wil ik hier herhalen: Hegel zelf stond skeptisch tegenover ‘leren van de geschiedenis’:

“Iedere periode is deel van zulke vreemde omstandigheden, toont een conditie van zaken zo strikt idiosyncratisch, dat zijn gedrag gereguleerd moet worden door overwegingen die verbonden zijn met zichzelf, en alleen zichzelf. Middenin de druk van grote gebeurtenissen, biedt een algemeen principe geen hulp. Het is zinloos om terug te keren naar gelijkaardige omstandigheden in het verleden. De bleke schaduwen van het geheugen worstelen vergeefs met het leven en de vrijheid van het heden.”[33]

Maar wij – of toch in ieder geval Hegel – kunnen natuurlijk wel inzien wat er verandert in ons bewustzijn.

Of “#MeToo”, op gang gebracht door ‘The Silence Breakers’, inderdaad de voorhoede blijkt van een culturele omwenteling, moet nog blijken.
TIME-hoofdredacteur Felsenthal: “De grootste test voor deze beweging zal zijn de mate waarin het de realiteit van mensen verandert.”

Als we Hegel mogen geloven, is dat in ieder geval iets om op te hopen.

 


 Bibliografie

Felsenthal, Edward. “the Choice”. TIME, 18 december 2017. http://time.com/time-person-of-the-year-2017-silence-breakers-choice/.

Hegel, Georg Wilhelm Friedrich. “Phänomenologie des Geistes”. Project Gutenberg, 1807. http://www.gutenberg.org/cache/epub/6698/pg6698-images.html.

———. “Wer denkt abstrakt?” Zeno, 1808. http://www.zeno.org/Philosophie/M/Hegel,+Georg+Wilhelm+Friedrich/Wer+denkt+abstrakt.

———. “Who thinks abstractly?” Vertaald door Walter Kauffman. marxists.org, origineel 1808. https://www.marxists.org/reference/archive/hegel/works/se/abstract.htm.

Hegel, Georg Wilhelm Friedrich, Aakash Singh, en Rimina Mohapatra. Reading Hegel: The Introductions. Seddon, Vic: Re.press, 2008.

TIME Staff. “Everything You Need to Know About TIME’s Person of the Year”. TIME. Geraadpleegd 29 december 2017. http://time.com/4586372/time-person-of-the-year-facts/.

Zacharek, Stephanie, Elian Dockterman, en Haley Sweetland Edwards. “The Silence Breakers”. TIME, 18 december 2017. http://time.com/time-person-of-the-year-2017-silence-breakers/.


[1] Stephanie Zacharek, Elian Dockterman, en Haley Sweetland Edwards, “The Silence Breakers”, TIME, 18 december 2017, http://time.com/time-person-of-the-year-2017-silence-breakers/.

[2] (Eigen vertaling), Deze tekst van Isaac Watson (voormalig medewerker), uit TIME’s ‘Person of the Year’-editie 1998, wordt gequoot door de samenstellers (“TIME Staff”, in het colofon) van het artikel “Everything You Need to Know About TIME’s Person of the Year”, TIME, geraadpleegd 29 december 2017, http://time.com/4586372/time-person-of-the-year-facts/.

[3] De Nederlandse vertalingen van de artikelen van TIME Magazine (online) zijn van eigen hand.

[4] Volgens TIME wordt de keuze gemaakt door “een aantal TIME-redacteuren”. Dit wordt niet verder gespecificeerd. (bron: Time Staff, “Everything You Need to Know About TIME’s Person of the Year”, TIME, geraadpleegd 29 december 2017, http://time.com/4586372/time-person-of-the-year-facts/.)

[5] Ik heb gekozen voor de benaming ““#MeToo””, om een zo algemeen mogelijke term te hanteren. In de media wordt vaak gesproken van ‘discussie’, maar ik wil ervoor waken zo’n term te gebruiken, omdat het reeds heel wat interpretatie met zich meebrengt.

In deze paper stel ik juist een lezing van Hegel voor die een zo veel mogelijk omvattend perspectief probeert in te nemen ten opzichte van het fenomeen. Het is dus eerder het doel om te achterhalen wat een vruchtbare benadering zou zijn van de waarheid en daarmee de beste benaming van wat ik nu zou willen omschrijven als “het fenomeen “#MeToo””, dan om uit te gaan van een begrenzing door definitie.

[6] TIME Staff, “Everything You Need to Know About TIME’s Person of the Year”.

[7] Edward Felsenthal, “the Choice”, TIME, 18 december 2017, http://time.com/time-person-of-the-year-2017-silence-breakers-choice/.

[8] Georg Wilhelm Friedrich Hegel, Aakash Singh, en Rimina Mohapatra, Reading Hegel: The Introductions (Seddon, Vic: Re.press, 2008), 122–23.

[9] Hegel, Singh, en Mohapatra, 128.

[10] Verwijzend naar Hegels ‘Das Wahre ist das Ganze’, zie volgende voetnoot:

[11] Georg Wilhelm Friedrich Hegel, “Phänomenologie des Geistes”, Project Gutenberg, 1807, http://www.gutenberg.org/cache/epub/6698/pg6698-images.html.

[12] Eigen vertaling.

[13] Hegels origineel: “Das Wahre ist das Ganze. Das Ganze aber ist nur das durch seine Entwicklung sich vollendende Wesen.”

[14] Hegel, Singh, en Mohapatra, Reading Hegel, 122.

[15] Het betreft een neerslag van Hegels lezingen, gehouden tussen 1822 en 1831, postuum uitgegeven in 1837.

[16] Hegel en Hegelianen krijgen vaak de kritiek te eurocentrisch te zijn (geweest). Wellicht is dat terecht, maar ik heb te weinig kennis om daar een uitspraak over te willen doen. Wel denk ik dat het (ook), zonder al te veel forceren, kan worden gezien als een meta-illustratie van Hegels geschiedenis-filosofie: Ook na Hegel zelf is het perspectief weer groter geworden, de Vrijheid weer zelfbewuster.

[17] Hier toont Hegel zich schijnbaar een Romanticus. In ieder geval lijkt het niet terecht Hegel te brandmerken als de ‘filosoof van de ratio’. Dat misverstand lijkt eerder ingegeven door zijn idee dat de werkelijkheid rationeel en kenbaar is. Mogelijk is hierop ook van invloed het begrip ‘Geist’, dat zich te snel laat vertalen als ‘geest’, het mentale – als tegengesteld aan het fysieke, passionele.  Hegel schrijft echter in zijn ‘Filosofie van de Geschiedenis’ een wezenlijke, stuwende rol toe aan de passies.

[18] Er is een vraag die ik had tijdens het werken aan deze paper en aan dit vak in het algemeen, over de vertaling van Duitse teksten. In hoeverre is bekend welke hoofdletters daadwerkelijk hoofdletters zijn die de schrijver zelf zou meevertalen uit het Duits? Zelfstandige naamwoorden krijgen in het Duits een hoofdletter, maar voor ons is er verschil in ‘wil’ en ‘Wil’, al is het nog niet eenvoudig te duiden wat dat precies is.

[19] Hegel, Singh, en Mohapatra, Reading Hegel, 125.

[20] Hier rijst bij mij twijfel of Hegels imago van de filosoof die het individu een ondergeschikte rol toebedeelt een terecht imago is. Hij erkent de drijvende rol van individuen. Tegelijk spreekt hij over de slachtbank van de geschiedenis (Filosofie van de Geschiedenis, p. 123) en daarop worden geen ideeën geslacht, maar mensen, van vlees en bloed. Daar is Hegel zich van bewust, maar hij praat het ook niet goed. Hegel probeert te kijken naar wat er is. Goed-fout is volgens mij niet zo’n Hegeliaanse dichotomie.

[21] (Eigen vertaling) Georg Wilhelm Friedrich Hegel, “Who thinks abstractly?”, vertaald door Walter Kauffman, marxists.org, origineel 1808, https://www.marxists.org/reference/archive/hegel/works/se/abstract.htm.

[22] Ook hier kan een veelgehoorde mening over Hegel waarschijnlijk overboord: De ‘abstractie’ die hem vaak verweten wordt, omwille van zijn vorm en op het oog soms ondoordringbare teksten, is juist waar hij zich van af wil keren. Hegel wil leren van het concrete, van hoe de dingen zijn en zijn geweest.

[23] Georg Wilhelm Friedrich Hegel, “Wer denkt abstrakt?”, Zeno, 1808, http://www.zeno.org/Philosophie/M/Hegel,+Georg+Wilhelm+Friedrich/Wer+denkt+abstrakt.

[24] Hegel, “Who thinks abstractly?”

[25] De vertalingen zijn van mijn hand, op basis van de Engelse vertaling die gebruikt is in de editie van Walter Kauffman, zie vorige voetnoot.

[26] Hegel, “Who thinks abstractly?”

[27] Hegel.

[28] Hegel.

[29] Wellicht begrijpelijk voor een man die de Franse revolutie heeft meegemaakt – weliswaar van een afstand, maar duidelijk zeer geïnteresseerd en in die zin betrokken – dat hij ook ‘de soldaat’ hier vernoemt. Van die soldaat wordt volgens Hegel een abstractum gemaakt.

[30] Hegel, Singh, en Mohapatra, Reading Hegel, 126–27.

[31] Hegel, “Phänomenologie des Geistes”.

[32] “#IHave” is een manier waarop daders van seksuele intimidatie, op allerlei niveaus, hun openbare biecht benoemen, in het kielzog van “#MeToo”.

[33] Hegel, Singh, en Mohapatra, Reading Hegel, 115.